Echte Mensen: het hele verhaal van Alpe d'Huzessers Joep, Ruud en Jan-Willem

Iets doen voor het goede doel is altijd hartverwarmend. Meedoen aan de Alpe d’HuZes om kankeronderzoek mogelijk te maken, is meteen de overtreffende trap van ‘goed doen’. Toch waagden zo’n vijftig Kuijpers-collega’s zich eraan. Zij deden mee aan de 2019-editie afgelopen voorjaar. Joep van Vroenhoven (initiatiefnemer), Ruud Bakens en Jan-Willem Splinter waren erbij. Ze zijn eensgezind: het was een onvergetelijke ervaring.

Joep: “Ik speelde al langer met de gedachte een keer iets te organiseren rond het thema ‘vitaliteit’. Meedoen aan de Alpe d’HuZes is dan natuurlijk meteen een activiteit van de buitencategorie. Toch ben ik met dat plan intern de boer op gegaan, mede door de positieve reactie die ik van Aukje Kuypers kreeg.” Een berichtje op het intranet leverde vervolgens binnen een dag 25 aanmeldingen op. “Het enthousiasme heeft me echt verrast. Het was voor mij dé aanmoediging om voortvarend door te gaan.” En dat betekende: de reis voorbereiden, inschrijvingen en verblijven coördineren en met een sportschoolinstructeur individuele trainingsschema’s opstellen. “Want zes keer die berg op gaan, is een leuk streven maar het moet wel haalbaar zijn.”

Wandelen, hardlopen, fietsen

Waar vijftien collega’s wandelend en drie collega’s hardlopend de berg op gingen, hoorde Joep bij de 26 fietsers van het Kuijpers-gezelschap. Ook Jan-Willem Splinter (informatiemanager) was op de fiets. Een fiets bovendien, met een verhaal. “Het is een erfstuk van mijn goede vriend Hans van Luijk. Jaren geleden werkten we samen bij Kuijpers. Met nog drie andere collega’s zetten we in die tijd een afdeling op in Tilburg. Buiten het werk om waren we eveneens bevriend en deelden we onder meer een hobby: fietsen. Hans overleed elf jaar geleden. Ik nam me toen voor om ooit één keer in mijn leven op die fiets de Alpe d’Huez te bedwingen.”

Bootcamps

Dat gebeurde afgelopen voorjaar. Jan-Willem was een van de eersten die zich opgaf voor Alpe d’HuZes nadat Joep zijn intranetberichtje plaatste. Eenmaal aangemeld begon de Alpe d’HuZes-trein te rijden, onder meer met diverse trainingen en bootcamps ter voorbereiding. “Daar leerde je bijvoorbeeld hoe je met flinke snelheid een berg veilig afdaalt, zoals ‘met beleid’ remmen en je pedalen in een bepaalde positie houden. Leuke bijkomstigheid: we leerden als collega’s ook elkaar al wat beter kennen.”

Soepele rug

Tijdens de Alpe d’HuZes reed Jan-Willem twee ritten. “De eerste klim was voor Hans, de tweede voor alle andere mensen die kampen met kanker.” In de nasleep van dit onvergetelijke evenement had hij niet te klagen over spierpijn. “Dat viel reuze mee.” En lachend: ‘Ik heb wel een bezoekje aan de fysiotherapeut gebracht om mijn rug weer soepel te maken.” Waar fietsen voor Jan-Willem bekend terrein is, was het voor Joep een compleet nieuwe ervaring. “Ik heb er zelfs een paar nachten slecht van geslapen”, lacht hij. “Ik vroeg me echt af hoe ik in hemelsnaam op een fiets die berg op moest komen.” De eerste klim startte bovendien vroeg in de ochtend. Het was nog een beetje donker, mistig en koud. “De tv-beelden die iedereen kent van enthousiaste toeschouwers, muziek en sfeer waren toen nog ver te zoeken”, weet Joep nog. “Ik ben in mijn eerste afdaling in bijna elke bocht gestopt: mijn handen waren zó koud dat ik niet meer kon remmen.” De situatie verbeterde toen hij startte met zijn tweede trip naar boven. Het zonnetje brak door en er stonden steeds meer mensen langs de route. “Volgens mij heb ik puur op adrenaline gefietst.”

Jan-Willem: "De eerste klim was voor Hans, de tweede voor alle andere mensen die kampen met kanker."

Echte bergwandelaars

Voor Ruud Bakens, die wandelend meedeed, was een intensieve voorbereiding niet nodig. “Mijn echtgenote en ik zijn echte bergwandelaars. In de vakanties weten we Oostenrijk, de Italiaanse Dolomieten en Zwitserland te vinden. Hier in Nederland wandelen we graag door het Limburgse heuvellandschap. Zulke wandelingen hebben we een paar keer extra gemaakt in de aanloop naar de Alpe d’HuZes. En ja, mijn echtgenote ging ook mee naar Frankrijk. We zeggen al jaren tegen elkaar: ‘daar moeten we echt eens aan mee doen.’ Net zoals heel veel mensen hebben ook wij in onze familie- en kennissenkring te maken met kanker. We dragen graag een steentje bij aan onderzoek. Toen we hoorden dat Kuijpers met een team wilde deelnemen aan dit evenement, zijn we meteen ingestapt.”

Aandacht voor elkaar

Ook de echtgenote van Jan-Willem en de vrouw en kinderen van Joep waren erbij in de Franse Alpen. Niet om mee te lopen of te fietsen, wel om de tent te bemannen op de berg waar de Kuijpers-deelnemers even konden uitrusten en wat konden eten en drinken. Want die zorg en die extra aandacht, dat is óók Alpe d’HuZes. De Nederlandse organisatie van het evenement wijdt er zelfs elk jaar een bezinningsavond aan, een dag voor de klim. Ruud weet nog dat daar menig traantje is gelaten. Ook Jan-Willem vond het indrukwekkend. “In een grote hal komen mensen bij elkaar”, vertelt hij, “met kaarsjes en kaartjes om verhalen te delen… Je hoort dan zoveel ervaringen, er is zoveel herkenning, daar krijg je wel een brok van in je keel.” Die beladenheid was er niet op de dag van de beklimming zelf. “Daar overheerste plezier, gemoedelijkheid, het lachen met elkaar. Al kom je jezelf bij zo’n fysieke inspanning wel een paar keer tegen hoor. Maar als je dan bedenkt dat het niets is vergeleken bij de mensen die ziek zijn, is zo’n moment ook snel voorbij”, aldus Jan-Willem.

Dat kan Joep beamen. “Ik haalde op een bepaald moment een andere deelnemer in. Die zwoegde met fietskar en al naar boven. Toen ik goed keek, bleek in dat karretje een kindje te zitten. Ziek, met snoertjes en slangetjes om hem heen. Dat was wel even confronterend.” Joep weet nog dat hij deze deelnemer zelf begon aan te moedigen vanaf zijn fiets en samen met hem verder naar boven fietste, als soort van mentale ondersteuning. Het ‘samen sterk’-gevoel ervaarde ook Ruud, onder meer onder de Kuijpers-collega’s. “Het samen toewerken naar de reis, de sfeer tijdens het verblijf… Er ontstond iets van onderlinge verbondenheid, ook met collega’s die ik nog niet goed kende. Dat vond ik heel bijzonder.” Jan-Willem herkent dat gevoel. “Toen de wandelgroep de finish naderde, zijn wij, de fietsers, ernaartoe gereden. We zijn toen gezamenlijk, als één grote Kuijpers-groep, over de finishlijn gegaan. Prachtig om dat samen te doen en het gejuich van alle toeschouwers te horen.” Als Kuijpers in de toekomst nog eens iets sportiefs organiseert, is Jan-Willem er graag weer bij. “Alleen al voor de sfeer is het heerlijk om aan zoiets mee te doen.”

Opbrengst

De Kuijpers-medewerkers zamelden met hun sportieve prestaties in totaal 100.000 euro in. Daar hoort ook nog een grappige anekdote bij, aldus Joep. “De laatste paar duizend euro hebben we pas enkele maanden ná het evenement binnengehaald. Onze teller bleef tijdens de Alpe d’HuZes namelijk steken op 96.800 euro. Dat feitje kwam ook ter sprake tijdens een interview door RTV Oost. Die omroep sprak op de berg willekeurige deelnemers aan, waaronder collega Paul Hommelberg. Die blufte dat ‘zijn borsthaar eraf mocht’ als die ton werd gehaald. Daar hebben we hem aan gehouden. In oktober was het totaal van 100.000 euro binnen en konden we hem dit heuglijke nieuws vertellen. Hij was – net zoals wij – erg blij met de opbrengst en kon gelukkig ook lachen om zijn belofte die hij heel sportief ging inlossen. ‘Want’, zo zei hij, ‘wie A zegt, moet ook B zeggen’.”